ECLI:NL:GHSGR:2005:AT7751
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- J.M.E. In ’t Velt-Meijer
- E.J. van Sandick
- A.A. Schuering
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verval van instantie en toepasselijkheid overgangsrecht in civiele procedure
In deze civiele procedure vordert Geïntimeerde verval van instantie tegen Jutphaas. De kern van het geschil betreft de vraag welk recht van toepassing is op deze vordering, het recht vóór of na de wetswijziging per 1 januari 2002.
Het hof stelt vast dat de zaak op de datum van wetswijziging nog niet aanhangig was bij het gerechtshof te ’s-Gravenhage, waardoor het nieuwe recht van toepassing is. Ondanks dat er meer dan twaalf maanden geen proceshandeling was verricht, heeft Jutphaas inmiddels een memorie na verwijzing genomen, waardoor verval van instantie niet meer aan de orde is.
Het hof besluit de hoofdzaak weer ter rolle te roepen op 21 juli 2005, waarbij Geïntimeerde het woord krijgt voor het nemen van een memorie na verwijzing. Verdere beslissingen in het incident worden aangehouden.
Uitkomst: Het hof bepaalt dat het nieuwe recht op verval van instantie van toepassing is en roept de hoofdzaak op 21 juli 2005 weer ter rolle.