ECLI:NL:GHSGR:2002:AR6682
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.J. Vonk
- J. Schuurman
- P. Bouman
- Rechtspraak.nl
Geen recht op infiltratiekorting voor natuurlijke oeverinfiltratie bij grondwaterwinning
Belanghebbende, een drinkwaterbedrijf, maakte aanspraak op een infiltratiekorting van ƒ 317.290 op grond van de Wet belastingen op milieugrondslag (Wbm), omdat zij stelde dat door haar grondwaterwinning oppervlaktewater via oeverinfiltratie in de bodem werd gebracht. De Inspecteur weigerde deze korting.
Het hof stelde vast dat het waterwinningproces van belanghebbende grotendeels gebaseerd is op oevergrondwaterwinning waarbij oppervlaktewater via de oevers in de bodem infiltreert als gevolg van onttrekking nabij rivieren. Een deskundigenrapport toonde aan dat circa 45% van het onttrokken volume extra infiltratie betreft.
Juridisch werd beoordeeld of deze infiltratie onder het begrip 'infiltreren van water' valt zoals bedoeld in de Wbm en de Grondwaterwet. Het hof concludeerde dat het hier gaat om een natuurlijk proces van infiltratie door onttrekking, en niet om kunstmatige infiltratie die vereist is voor de infiltratiekorting.
Daarmee werd het beroep van belanghebbende ongegrond verklaard en werd de weigering van de infiltratiekorting bevestigd. Het hof wees tevens proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende op infiltratiekorting wordt ongegrond verklaard omdat sprake is van natuurlijke infiltratie, geen kunstmatige infiltratie.