ECLI:NL:GHLEE:2012:BW2950
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- I. Tubben
- R.A. van der Pol
- D.J. Buijs
- Rechtspraak.nl
Bestuurdersaansprakelijkheid wegens niet-nakoming koopovereenkomst onroerend goed
Lizmar Holding en [geïntimeerde 2], als bestuurders en aandeelhouders van respectievelijk NPM en Lizmar Holding, sloten namens NPM een onvoorwaardelijke koopovereenkomst met Achmea voor een onroerend goed. Ondanks het ontbreken van een definitieve financieringstoezegging en de impact van de kredietcrisis, werd de koop niet nagekomen, waarna Achmea de overeenkomst ontbond en het pand aan derden verkocht.
Achmea vorderde aansprakelijkheid van de bestuurders wegens benadeling van de schuldeiser door het onverhaalbaar blijven van de vordering. Het hof oordeelde dat de bestuurders wisten of redelijkerwijs behoorden te begrijpen dat NPM haar verplichtingen niet kon nakomen zonder externe financiering, die niet was gegarandeerd. Het enkele vertrouwen op een positieve houding van de bank was onvoldoende.
Het hof verwierp de stellingen van Lizmar c.s. dat er geen ernstig verwijt was en dat Achmea haar schade niet had beperkt. Ook de vordering tot vergoeding van buitengerechtelijke kosten werd toegewezen. Het hof bekrachtigde daarmee het vonnis van de rechtbank en veroordeelde Lizmar c.s. hoofdelijk tot vergoeding van de door Achmea geleden schade.
Uitkomst: Het hof bevestigt de bestuurdersaansprakelijkheid en veroordeelt Lizmar Holding en [geïntimeerde 2] hoofdelijk tot schadevergoeding en kosten.