ECLI:NL:GHLEE:2011:BV0312
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen leden meervoudige strafkamer Gerechtshof Leeuwarden
In deze zaak diende verzoeker een wrakingsverzoek in tegen de leden van de meervoudige strafkamer van het Gerechtshof Leeuwarden. Het verzoek betrof de beslissing om de behandeling van een beklagzaak niet langer af te wachten, het verwerpen van een niet-ontvankelijkheidverweer en het afwijzen van een verzoek tot schorsing van voorlopige hechtenis.
De wrakingskamer beoordeelde het verzoek op basis van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens en het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten, die het recht op een eerlijk proces door een onafhankelijk en onpartijdig gerecht waarborgen. De kamer stelde dat een rechter uit hoofde van zijn aanstelling onpartijdig wordt vermoed, tenzij uitzonderlijke omstandigheden het tegendeel aantonen.
Verzoeker voerde aan dat de beslissingen van de meervoudige strafkamer duidden op vooringenomenheid en willekeur. De wrakingskamer oordeelde echter dat de genomen beslissingen en de motivering daarvan geen feiten bevatten die een objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid rechtvaardigen. Ook de afweging om de behandeling van de beklagzaak niet langer af te wachten was volgens de kamer juridisch toelaatbaar.
Daarom werd het wrakingsverzoek afgewezen. Het vonnis werd uitgesproken op 22 december 2011 door de wrakingskamer van het gerechtshof Leeuwarden.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de leden van de meervoudige strafkamer is afgewezen wegens gebrek aan gegronde aanwijzingen voor vooringenomenheid.