ECLI:NL:GHLEE:2011:BU1645
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Veroordeling tot ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel uit hennepteelt
Het Gerechtshof Leeuwarden behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter Groningen inzake de ontnemingsvordering op grond van artikel 36e Wetboek van Strafrecht. De verdachte werd verdacht van hennepteelt in vereniging met een mededader in de periode januari tot juni 2009. Het hof stelde vast dat er sprake was van een oogst van 200 planten en baseerde de berekening van het wederrechtelijk verkregen voordeel op het BOOM-rapport uit 2005.
De bruto opbrengst werd berekend op 13.366,80 euro, verminderd met directe kosten van 1.080 euro, wat resulteerde in een geschat voordeel van 12.286,80 euro. Het hof verwierp het verzoek van de raadsman om het voordeel te beperken tot 1.000 euro, gelet op de aanzienlijke rol van de verdachte.
De advocaat-generaal vorderde een hoofdelijke betalingsverplichting van het volledige bedrag, gebaseerd op een wetswijziging per 1 juli 2011. Het hof oordeelde dat deze wetswijziging niet ten gunste van de verdachte was en daarom niet van toepassing kon zijn op feiten gepleegd vóór die datum. Het hof legde daarom een betalingsverplichting van 6.143,40 euro op, gelijk aan de helft van het geschatte voordeel, en wees de hoofdelijkheid af.
Het arrest vernietigde het vonnis van de politierechter en deed opnieuw recht met deze aangepaste ontnemingsmaatregel. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer op 18 oktober 2011.
Uitkomst: Betaling van 6.143,40 euro ontnemingsmaatregel opgelegd zonder hoofdelijke aansprakelijkheid.