ECLI:NL:GHLEE:2011:BQ6201
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging ontheffing ouderlijk gezag wegens ongeschiktheid en langdurige uithuisplaatsing
De rechtbank Groningen heeft de ouders ontheven van het ouderlijk gezag over hun minderjarige kind, geboren in 2004, en BJZ benoemd tot voogd. De ouders gingen hiertegen in hoger beroep. Het hof stelt vast dat het kind sinds april 2005 uit huis is geplaatst en opgroeit in een pleeggezin, waar zij goed gehecht is en voorspoedig opgroeit.
De ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing zijn meerdere malen verlengd, maar deze maatregelen zijn van tijdelijke aard en kunnen niet eindeloos worden voortgezet. Uit een rapport van de Raad voor de Kinderbescherming blijkt dat het opvoedingsperspectief bij de pleegouders ligt en dat terugkeer naar de ouders niet realistisch is vanwege hun ongeschiktheid of onmacht.
Hoewel de moeder vooruitgang heeft geboekt in haar persoonlijke situatie, is zij niet in staat de specifieke zorg te bieden die het kind nodig heeft. Het hof oordeelt dat het belang van het kind bij een stabiele en harmonieuze opvoeding in het pleeggezin zwaarder weegt dan het recht van de ouders op hereniging.
Het hof bekrachtigt daarom de beschikking van de rechtbank en wijst de beroepschriften van de ouders af. Tevens wordt benadrukt dat een ontheffing niet betekent dat de omgang tussen ouders en kind wordt beëindigd; een goede omgangsregeling blijft van belang voor de identiteitsontwikkeling van het kind.
Uitkomst: Het gerechtshof bekrachtigt de ontheffing van het ouderlijk gezag en wijst het hoger beroep van de ouders af.