ECLI:NL:GHLEE:2011:BQ6089
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- E. Polak
- R.F.C. Spek
- J. Huiskes
- Rechtspraak.nl
Bevestiging heffingsrente bij nadere voorlopige aanslag inkomstenbelasting 2008
Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen de heffingsrente die is opgelegd bij de nadere voorlopige aanslag inkomstenbelasting 2008. De Inspecteur had de heffingsrente berekend op €385, welke na bezwaar werd verminderd tot €132 over de periode 1 juli 2008 tot en met 11 september 2008. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna belanghebbende hoger beroep instelde.
Het geschil betrof de vraag of de heffingsrente terecht was opgelegd en of de Inspecteur voldoende voortvarend was geweest bij het opleggen van de (nadere) voorlopige aanslag. Het hof overwoog dat volgens de Algemene wet inzake rijksbelastingen (AWR) heffingsrente wordt berekend vanaf het midden van het tijdvak waarover belasting wordt geheven tot de dag van het aanslagbiljet. De Hoge Raad had geoordeeld dat er geen beleidsregel bestaat die de Inspecteur verplicht een voorlopige aanslag eerder dan drie maanden na aangifte of verzoek op te leggen.
Het hof was het eens met de rechtbank dat de Inspecteur terecht heffingsrente in rekening had gebracht over de genoemde periode en dat verdere beperking niet gerechtvaardigd was. Belanghebbende was niet verschenen bij de zitting. Het hof bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het hof bevestigt de heffingsrente over de periode 1 juli 2008 tot en met 11 september 2008 en verklaart het hoger beroep ongegrond.