ECLI:NL:GHLEE:2011:BQ3270
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- L.T. Wemes
- G. Dam
- P. Greve
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor opzetheling en diefstal met valse bankpassen
Verdachte werd beschuldigd van het bezit en gebruik van bankpassen die door misdrijf waren verkregen, en het plegen van diefstal door middel van het gebruik van deze valse sleutels (bankpassen). Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank Assen en deed zelf uitspraak na onderzoek in hoger beroep.
Het hof achtte bewezen dat verdachte op 15 april 2004 een bankpas van een ander had, waarvan hij wist dat deze door misdrijf was verkregen (opzetheling). Tevens werd bewezen dat verdachte op verschillende locaties geldbedragen uit betaalautomaten had weggenomen met deze bankpassen, wat werd gekwalificeerd als diefstal met valse sleutel.
De rechtbank sprak verdachte vrij van enkele ten laste gelegde feiten wegens onvoldoende bewijs. De straf werd gematigd tot een werkstraf van 180 uur vanwege overschrijding van de redelijke termijn in de procedure. Daarnaast werden schadevergoedingen toegewezen aan benadeelden en verplichtingen tot betaling aan de Staat opgelegd, met vervangende hechtenis bij niet-nakoming.
De vordering van een benadeelde partij werd niet-ontvankelijk verklaard wegens vrijspraak op die onderdelen. Het arrest is gewezen door het hof te Leeuwarden op 27 april 2011.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een werkstraf van 180 uur wegens opzetheling en diefstal met valse bankpassen.