ECLI:NL:GHLEE:2011:BP7456
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over vaststellingsovereenkomst bij ontslag faalt beroep op dwaling en bedrog
In deze zaak stond een vaststellingsovereenkomst centraal die was gesloten na een ontslagprocedure waarbij Declamed aan [geïntimeerde] achterstallig salaris verschuldigd was. [Appellante] stelde dat de overeenkomst vernietigbaar was wegens dwaling en bedrog, omdat [geïntimeerde] tijdens zijn dienstverband al bezig was met acquisitie voor een eigen bedrijf zonder dat Declamed daarvan op de hoogte was.
Het hof oordeelde dat het beroep op dwaling niet slaagde omdat niet aannemelijk was dat Declamed de overeenkomst niet zou hebben gesloten bij juiste kennis van de feiten. Ook het beroep op bedrog was onvoldoende onderbouwd. De vaststellingsovereenkomst had uitsluitend betrekking op het achterstallige loon en niet op een ontbindingsvergoeding of andere aanspraken.
Verder werd geoordeeld dat de wettelijke rente niet vanaf 17 december 2002, maar vanaf de dag van de inleidende dagvaarding verschuldigd was. Het hof vernietigde het vonnis voor zover het de rentevordering vanaf 17 december 2002 toewijst en wijzigde dit. De overige vonnissen werden bekrachtigd. [Appellante] werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof verwierp het beroep op dwaling en bedrog en bekrachtigde de eerdere vonnissen met aanpassing van de rentevordering.