ECLI:NL:GHLEE:2009:BK2872
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Mollema
- Fikkers
- Weening
- Rechtspraak.nl
Geen conversie van vernietigd ontslag op staande voet in tijdige opzegging
De zaak betreft een geschil tussen een werknemer en haar werkgevers over de rechtsgeldigheid van een ontslag op staande voet wegens vermeende werkweigering. De werknemer was sinds 1 januari 2003 in dienst bij een horecaonderneming die in 2006 van eigenaar wisselde. Op 31 oktober 2005 werd zij op staande voet ontslagen, maar zij betwistte dit ontslag en voerde aan dat zij zich ziek had gemeld.
De kantonrechter oordeelde dat het ontslag op staande voet niet rechtsgeldig was en veroordeelde de werkgevers tot loonbetaling. Het hof bevestigt dit oordeel en wijst het beroep van de werkgevers af dat het vernietigde ontslag op staande voet moest worden geconverteerd in een tijdige opzegging van de arbeidsovereenkomst. Het hof benadrukt dat de werkgever de bewijslast draagt voor het bestaan van een dringende reden bij ontslag op staande voet wegens ziekte, en dat deze niet is geleverd.
Het hof bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter en veroordeelt de werkgevers in de kosten van het hoger beroep. De arbeidsovereenkomst eindigde uiteindelijk door ontbinding per 1 juli 2006. De beslissing is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Het ontslag op staande voet is niet rechtsgeldig en kan niet worden geconverteerd in een tijdige opzegging; de arbeidsovereenkomst eindigde door ontbinding per 1 juli 2006.