ECLI:NL:GHLEE:2009:BI5014

Gerechtshof Leeuwarden

Datum uitspraak
28 april 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
200.024.479/01
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • Mollema
  • Kuiper
  • De Hek
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 332 RvArt. 80 lid 1 RO
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens beperkte vordering in kantonzaken

In deze zaak heeft PlasBossinade Advocaten en Notarissen hoger beroep ingesteld tegen een vonnis van de kantonrechter te Assen, waarin zij als eiseres optrad tegen een geïntimeerde die niet is verschenen. De vordering in eerste aanleg bedroeg niet meer dan €1750, waardoor volgens artikel 332 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) hoger beroep in deze zaak is uitgesloten.

Het hof heeft geoordeeld dat de vaste rechtspraak van de Hoge Raad, waaronder het arrest van 16 maart 2007 (NJ 2007, 637), bevestigt dat de uitsluiting van hoger beroep in dit soort zaken niet doorbroken wordt door de doorbrekingsgronden die in andere situaties gelden. Dit betekent dat cassatie de aangewezen rechtsgang is om tegen het vonnis op te komen.

Daarom verklaarde het hof het hoger beroep van PlasBossinade niet-ontvankelijk en veroordeelde haar in de kosten van het geding in hoger beroep, die aan de zijde van de geïntimeerde op nihil werden begroot. De inhoudelijke grieven van PlasBossinade werden niet behandeld vanwege de niet-ontvankelijkheid.

Uitkomst: Het hof verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk wegens een vordering van maximaal €1750 en veroordeelt PlasBossinade in de kosten.

Uitspraak

Arrest d.d. 28 april 2009
Zaaknummer 200.024.479/01
HET GERECHTSHOF TE LEEUWARDEN
Arrest van de eerste kamer voor burgerlijke zaken in de zaak van:
de maatschap PlasBossinade Advocaten en Notarissen,
gevestigd te [vestigingsplaats],
appellante,
in eerste aanleg: eiseres,
hierna te noemen: PlasBossinade,
advocaat: mr. D. Kuijken, kantoorhoudende te Groningen,
tegen
[geïntimeerde]
wonende te [woonplaats],
geïntimeerde,
in eerste aanleg: gedaagde,
hierna te noemen: [geïntimeerde],
niet verschenen.
Het geding in eerste instantie
In eerste aanleg is geprocedeerd en beslist zoals weergegeven in het vonnis uitgesproken op 20 januari 2009 door de rechtbank Assen, sector kanton, locatie Assen (hierna: de kantonrechter).
Het geding in hoger beroep
Bij exploot van 28 januari 2009, hersteld bij exploot van 2 februari 2009, is door PlasBossinade hoger beroep ingesteld van genoemd vonnis met dagvaarding van [geïntimeerde] tegen de nader aangezegde zitting van 10 februari 2009.
Het petitum van de dagvaarding in hoger beroep, tevens houdende de grieven luidt:
"bij arrest, uitvoerbaar bij voorraad, het vonnis van Rechtbank Assen, sector kanton, locatie Assen, tussen partijen gewezen onder zaak/rolnummer 242964/ CV EXPL 08-7550 tussen PlasBossinade als eiseres en [geïntimeerde] te vernietigen en de zaak terug te verwijzen naar de Rechtbank Assen, sector kanton, locatie Assen voor een inhoudelijke uitspraak, met veroordeling van [geïntimeerde] in de kosten van de procedure zowel in eerste aanleg als in hoger beroep."
[geïntimeerde] is in hoger beroep niet verschenen en tegen hem is verstek verleend.
Ten slotte heeft PlasBossinade de stukken overgelegd voor het wijzen van arrest.
Volledigheidshalve merkt het hof hierbij op dat de conclusie van antwoord zijdens [geïntimeerde] niet in het overgelegde dossier is aangetroffen.
De grieven
PlasBossinade heeft één grief opgeworpen.
Deze grief luidt: 'Ten onrechte heeft de Rechtbank Assen, sector kanton, locatie Assen zich onbevoegd verklaard van de zaak in prima kennis te nemen'.
De beoordeling
De ontvankelijkheid
1. Nu de vordering waarover de kantonrechter in eerste aanleg had te beslissen niet meer beloopt dan € 1750,00 is PlasBossinade ingevolge het bepaalde in art. 332 Rv Pro niet ontvankelijk in het door haar ingestelde hoger beroep.
2. Volgens vaste rechtspraak van de Hoge Raad (zie o.a. HR 16 maart 2007, NJ 2007, 637) wordt de uitsluiting van hoger beroep in dit soort zaken niet doorbroken door, kort gezegd, de doorbrekingsgronden die in de rechtspraak zijn ontwikkeld in situaties waarin andere wetsbepalingen hoger beroep uitsluiten. Voor dat soort zaken is cassatie (op grond van artikel 80 lid 1 RO Pro) de aangewezen weg. Er is dan ook geen reden om PlasBossinade ondanks het bepaalde in art. 332 Rv Pro ontvankelijk te achten.
3. Aan de behandeling van de grieven komt het hof derhalve niet toe.
4. Als de in het ongelijk te stellen partij zal PlasBossinade worden veroordeeld in de kosten van het geding in hoger beroep.
De beslissing
Het gerechtshof:
verklaart PlasBossinade niet-ontvankelijk in haar hoger beroep;
veroordeelt PlasBossinade in de kosten van het geding in hoger beroep en begroot die aan de zijde van [geïntimeerde] tot aan deze uitspraak op nihil.
Aldus gewezen door mrs. Mollema, voorzitter, Kuiper en De Hek, raden, en uitgesproken door de rolraadsheer ter openbare terechtzitting van dit hof van dinsdag 28 april 2009 in bijzijn van de griffier.