ECLI:NL:GHLEE:2007:BA1090
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt ondernemerschap en recht op ondernemingsfaciliteiten bij Vof-activiteiten
Belanghebbende, directeur en aandeelhouder van meerdere BV's, voerde activiteiten via een vennootschap onder firma (Vof). De inspecteur stelde aanvankelijk dat belanghebbende geen ondernemer was en betwistte het recht op ondernemingsfaciliteiten zoals zelfstandigenaftrek en willekeurige afschrijving.
Het Hof concludeerde dat de inspecteur in de bezwaarfase de indruk had gewekt dat belanghebbende als ondernemer werd beschouwd en recht had op de faciliteiten, en dat het achteraf betwisten daarvan in strijd is met het vertrouwensbeginsel. Tevens oordeelde het Hof dat de aandelen in H BV niet verplicht tot het ondernemingsvermogen behoren, omdat deze niet voldoende dienstbaar zijn aan de onderneming.
De stelling van fraus legis werd verworpen, en het Hof stelde het belastbaar inkomen vast op nihil met een verlies van ƒ 32.692. Het beroep werd gegrond verklaard, de aanslag verminderd en de inspecteur veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, de aanslag verminderd tot nihil belastbaar inkomen en het verlies vastgesteld op -/- ƒ 32.692.