ECLI:NL:GHLEE:2005:AU6642
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- G.M. van der Meer
- F.J.W. Drion
- H. Bakker
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing naheffingsaanslag en boete omzetbelasting service klein onderhoud
Belanghebbende, een woningcorporatie, kreeg een naheffingsaanslag en boete opgelegd voor het niet heffen van omzetbelasting over de vergoeding voor service klein onderhoud (s.k.o.) in de jaren 1998-2001. Na bezwaar en gedeeltelijke vermindering van de boete, kwam de zaak bij het gerechtshof.
Het hof stelde vast dat de s.k.o.-vergoeding inderdaad belast is voor de omzetbelasting en dat belanghebbende onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zij mocht vertrouwen op een belastingvrijstelling, mede omdat eerdere controles slechts deelonderzoeken betroffen. Ook was er geen landelijk begunstigend beleid dat naheffing uitsloot. De inspecteur had terecht de naheffingsaanslag opgelegd.
Ten aanzien van de boete oordeelde het hof dat het standpunt van belanghebbende tot april 2001 pleitbaar was vanwege onduidelijkheid in de jurisprudentie en inspecteurs die de vergoeding onbelast lieten. Daarom werd een boete over het gehele tijdvak niet gerechtvaardigd geacht en werd de boete vernietigd.
Het hof veroordeelde de inspecteur tot vergoeding van een deel van de proceskosten en bepaalde dat de naheffingsaanslag gehandhaafd blijft, inclusief heffingsrente. De uitspraak werd op 18 november 2005 gedaan en op 23 november 2005 aan partijen verzonden.
Uitkomst: Het beroep tegen de boete wordt gegrond verklaard en de boete vernietigd, terwijl de naheffingsaanslag wordt gehandhaafd.