ECLI:NL:GHLEE:2005:AT3191
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Mollema
- Meijeringh
- Kuiper
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vonnis over niet in verzuim zijn bij tekortkomingen in tuinaanleg
In deze civiele zaak vordert appellant betaling van een bedrag voor tuinaanleg en resterende werkzaamheden door geïntimeerde. Partijen waren overeengekomen dat geïntimeerde de tuin zou aanleggen voor een vast bedrag, met mogelijkheid tot meerwerk. Geïntimeerde factureerde meer dan het afgesproken bedrag, waarvan appellant een deel onbetaald liet.
Appellant stelde dat geïntimeerde tekort was geschoten en wilde vervangende schadevergoeding, zonder haar eerst in gebreke te stellen. Geïntimeerde bood aan werkzaamheden te verrichten na betaling van een deel van het openstaande bedrag, maar voerde deze niet uit. De rechtbank wees de vordering van appellant af omdat geïntimeerde niet in verzuim was geraakt door het ontbreken van een ingebrekestelling.
Het hof bevestigt dit oordeel. Uit de correspondentie blijkt niet dat geïntimeerde niet meer bereid was tot nakoming. De door appellant overgelegde brieven voldoen niet aan de eisen van een deugdelijke ingebrekestelling volgens artikel 6:82 BW Pro. Ook het betoog dat voor kwalitatief ondeugdelijk werk geen verzuim vereist zou zijn, faalt omdat niet is gesteld dat herstel onmogelijk was.
Het hoger beroep wordt afgewezen en appellant wordt veroordeeld in de kosten van het geding. Het arrest is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat geïntimeerde niet in verzuim is en wijst het hoger beroep van appellant af.