ECLI:NL:GHLEE:2005:AS3938
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- G.M. van der Meer
- J. Huiskes
- H. Bakker
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtmatigheid navorderingsaanslag inkomstenbelasting 1990 wegens niet opgegeven buitenlandse rente
Belanghebbende werd voor het jaar 1990 oorspronkelijk aangeslagen op een belastbaar inkomen van f. 95.000,-. In 2002 legde de inspecteur een navorderingsaanslag op naar een belastbaar inkomen van f. 112.360,-, gebaseerd op rente-inkomsten uit een buitenlandse spaarrekening die belanghebbende niet had aangegeven.
Belanghebbende voerde aan dat de inspecteur niet beschikte over een nieuw feit en dat hij niet kwade trouw had, omdat hij handelde volgens de gedragscode in de offshore. De inspecteur stelde dat een nieuw feit wel aanwezig was en dat de navordering binnen de termijn van twaalf jaar viel vanwege het buitenlandse karakter van het spaartegoed.
Het hof oordeelde dat de mededeling van belanghebbende over het buitenlandse spaartegoed een nieuw feit vormde, omdat de inspecteur dit niet kende of redelijkerwijs kon kennen bij de oorspronkelijke aanslag. Verder was de navorderingstermijn van twaalf jaar van toepassing omdat het ging om in het buitenland gehouden spaargelden.
Daarom was de navorderingsaanslag terecht opgelegd en werd het beroep ongegrond verklaard. Het hof legde geen proceskostenveroordeling op.
Uitkomst: Het gerechtshof verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de navorderingsaanslag inkomstenbelasting 1990.