ECLI:NL:GHLEE:2004:AQ7015
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- H.H.A. Fransen
- J.S. Bartstra
- P.W. van Straalen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtmatigheid aanslagen onroerendezaakbelasting 2003 voor appartement in aanbouw
In deze bestuursrechtelijke zaak staat centraal de vraag of de aanslagen onroerendezaakbelasting (OZB) voor het jaar 2003 terecht zijn opgelegd aan belanghebbende, eigenaar van een appartement dat op 1 januari 2003 nog in aanbouw was. Belanghebbende betwistte de aanslagen omdat hij het appartement pas in april 2003 in gebruik kreeg en het in mei 2003 verkocht heeft. Het hof stelt vast dat de eigendom reeds op 6 november 2002 is verkregen en dat de belastingplicht voor het gehele kalenderjaar geldt, ongeacht het moment van oplevering of gebruik.
Het hof benadrukt dat de OZB een zuivere tijdstipbelasting is, waarbij het bezit en gebruik op 1 januari bepalend zijn. De aanslagen zijn daarom terecht opgelegd, ook al was het appartement nog niet bewoond. Daarnaast oordeelt het hof dat het bezwaar onterecht door een onbevoegde is behandeld, waardoor het beroep gegrond wordt verklaard, maar de rechtsgevolgen van de uitspraak in stand blijven. Het griffierecht wordt aan belanghebbende vergoed.
De procedure kende een mondelinge behandeling waarbij partijen hun standpunten toelichtten. Het hof concludeert dat de aanslagen niet onjuist zijn en dat de formele procedurefout geen materiële gevolgen heeft. De uitspraak bevestigt de geldende belastingregels en de toepassing van de Gemeentewet en de Verordening OZB.
Uitkomst: De aanslagen OZB 2003 zijn inhoudelijk terecht opgelegd, maar het beroep wordt gegrond verklaard vanwege procedurele onbevoegdheid, met vergoeding van het griffierecht.