ECLI:NL:GHLEE:2004:AO1697
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling waardevaststelling onroerende zaak met bodemverontreiniging per 1 januari 1999
De zaak betreft een geschil over de waarde van een onroerende zaak gelegen aan de a-weg 11 te Z per 1 januari 1999. Het hoofd had de waarde vastgesteld op ƒ 304.000,--, later verminderd tot ƒ 287.000,--. Belanghebbende stelde dat de waarde te hoog was en dat de percelen als één onroerende zaak moesten worden aangemerkt vanwege bodemverontreiniging, en vorderde een waarde van ƒ 1,--.
Het gerechtshof oordeelde dat het hoofd terecht de percelen niet als één onroerende zaak heeft aangemerkt, omdat het aangrenzende perceel eigendom was van een andere rechtspersoon. Het taxatierapport, waarin rekening was gehouden met een afwaardering van 25% vanwege bodemverontreiniging en een extra aftrek van ƒ 20.000,-- wegens gebruiksbeperkingen, werd als goed onderbouwd beschouwd.
Verder werd geoordeeld dat de bodemverontreiniging op de waardepeildatum reeds ernstig was, maar dat de waardering hiervan adequaat was verwerkt in het taxatierapport. Belanghebbendes argumenten dat het hoofd onterecht latere onderzoeksrapporten had betrokken en dat de waarde moest worden verlaagd tot ƒ 1,-- werden verworpen. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de waardevaststelling van de onroerende zaak per 1 januari 1999 wordt ongegrond verklaard.