ECLI:NL:GHLEE:2002:AD9876
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Drion
- Rechtspraak.nl
Beoordeling recht op aftrek verhuiskosten inkomstenbelasting 1997
Belanghebbende werd voor het jaar 1997 aangeslagen voor inkomstenbelasting met een belastbaar inkomen van ƒ 31.854,-. Hij voerde een bedrag van ƒ 4.847,- aan verhuiskosten op als aftrekpost, welke door de inspecteur werd afgewezen. Belanghebbende was in 1997 deeltijdstudent en woonde tot 6 juni 1997 aan een adres te L, waarna hij tijdelijk terugkeerde naar het ouderlijk huis te Z vanwege een detachering bij een uitzendbureau.
Tijdens deze tijdelijke terugkeer nam hij enkele inboedelstukken mee en werden geringe herinrichtingskosten gemaakt. Na de detachering keerde hij terug naar zijn oorspronkelijke adres te L. Het geschil betrof de vraag of deze tijdelijke terugkeer als een verhuizing kwalificeert voor aftrek van verhuiskosten op grond van artikel 36, tweede lid, onderdeel d, van de Wet op de inkomstenbelasting 1964.
Het hof overwoog dat een verhuizing in de zin van de wet vereist dat de inboedel wordt overgebracht en dat er sprake is van herinrichtingskosten van bepaalde omvang. Gezien de tijdelijke aard van de terugkeer, de geringe omvang van de overgebrachte inboedel en herinrichtingskosten, en het feit dat belanghebbende kon blijven beschikken over zijn oorspronkelijke woonruimte, was er geen sprake van een verhuizing.
Daarom werd het beroep van belanghebbende ongegrond verklaard en de aanslag gehandhaafd. Tevens werden geen proceskosten aan belanghebbende opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de aanslag inkomstenbelasting 1997 wordt gehandhaafd.