ECLI:NL:GHDHA:2026:482
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Th.W.H.E. Schmitz
- G.C. Haverkate
- B.W. Mulder
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag van rechtsvervolging wegens ontoerekeningsvatbaarheid na poging tot moord in Pauluskerk
De verdachte werd beschuldigd van poging tot moord op twee personen in de Pauluskerk te Rotterdam door met een mes te steken. Ondanks het bestaan van een psychische stoornis bij de verdachte, oordeelde het hof dat dit niet in de weg stond aan het bewijs van opzet en voorbedachte raad. De verdachte had doelgericht gehandeld en had voldoende tijd om zich te beraden.
De advocaat-generaal vorderde vernietiging van het vonnis van de rechtbank en bevestiging van het bewezenverklaren van het tenlastegelegde, met ontslag van alle rechtsvervolging wegens ontoerekeningsvatbaarheid en oplegging van terbeschikkingstelling met dwangverpleging. Het hof volgde dit standpunt en verwierp het verweer van de raadsman dat ontbrak aan opzet en voorbedachte raad.
Daarnaast wees het hof een subsidiair verzoek tot aanhouding van de zaak en nader onderzoek naar een zorgmachtiging af, omdat een zorgmachtiging onvoldoende geschikt werd geacht om het herhalingsgevaar te beperken. Het vonnis van de rechtbank werd bevestigd met verbetering en aanvulling, waarbij de verdachte werd ontslagen van alle rechtsvervolging en terbeschikkingstelling met dwangverpleging werd opgelegd.
Uitkomst: Verdachte wordt ontslagen van alle rechtsvervolging wegens ontoerekeningsvatbaarheid en terbeschikkingstelling met dwangverpleging opgelegd.