ECLI:NL:GHDHA:2026:351
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Chr.Th.P.M. Zandhuis
- T.A. de Hek
- P.C. van den Brink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging juiste belastingaanslagen en afwijzing beroep op vertrouwensbeginsel
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de aanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (IB/PVV) voor de jaren 2020 en 2021, waarbij hij stelde dat de aanslagen onjuist waren en dat hij erop mocht vertrouwen dat hij de bij voorlopige aanslagen verleende teruggaven niet hoefde terug te betalen.
De Rechtbank Den Haag oordeelde dat de aanslagen correct waren vastgesteld op basis van de gegevens in de systemen van de Belastingdienst en dat belanghebbende geen bewijs had geleverd van onjuistheden of aanvullende loonheffingen. Het beroep op het vertrouwensbeginsel werd verworpen omdat een voorlopige aanslag geen bindende toezegging inhoudt.
Belanghebbende stelde in hoger beroep geen nieuwe feiten of gronden aan, waardoor het Hof de uitspraak van de Rechtbank bevestigde. De aanslagen zijn naar de juiste bedragen opgelegd en het beroep op het vertrouwensbeginsel faalt. Er is geen aanleiding voor een veroordeling in proceskosten.
De uitspraak is op 13 januari 2026 in het openbaar uitgesproken door het Gerechtshof Den Haag, waarbij de griffier aanwezig was. Tegen deze uitspraak staat beroep in cassatie open bij de Hoge Raad der Nederlanden.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt dat de belastingaanslagen voor 2020 en 2021 correct zijn en wijst het beroep op het vertrouwensbeginsel af.