Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
1.de (ontbonden) vennootschap onder firma Pectong,
3. [naam 2] ,
1.De zaak in het kort
2.Procesverloop in hoger beroep
- de dagvaarding van 26 september 2024, waarmee Betelgeuse in hoger beroep is gekomen van het vonnis van de rechtbank Den Haag van 2 juli 2024;
- de memorie van grieven van Betelgeuse, met bijlagen;
- het arrest van dit hof van 4 maart 2025 waarbij een mondelinge behandeling na aanbrengen is bevolen;
- het proces-verbaal van de mondelinge behandeling na aanbrengen van 15 april 2025;
- de incidentele conclusie van 24 juni 2025 van Betelgeuse;
- de conclusie van antwoord in het incident, van 8 juli 2025, van Pectong c.s.;
- het arrest van 11 november 2025 in incident (hierna: het eerste arrest in incident);
- de memorie van antwoord van Pectong c.s., met bijlagen;
- de incidentele conclusie van 27 januari 2026, van Betelgeuse, met bijlagen;
- de conclusie van antwoord in het incident, van 10 februari 2026, van Pectong c.s.
3.Aanleiding voor dit incident
4.De vordering in incident
5.Beoordeling van de vorderingen in incident
6.Beslissing
- wijst de vorderingen van Betelgeuse af;
- houdt de beslissing over de kosten van het incident aan tot de einduitspraak;
- wijst het meer of anders gevorderde af;
in de hoofdzaak
- verwijst de zaak naar de rol van 7 juli 2026 voor het doorgeven van verhinderdata van partijen over de maanden oktober tot en met december 2026 voor een mondelinge behandeling;
- acht het wenselijk dat partijen persoonlijk op de mondelinge behandeling aanwezig zijn;
- houdt iedere verdere beslissing aan.