Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
1.De zaak in het kort
2.Procesverloop in hoger beroep
- de dagvaarding van 20 juni 2024, waarmee [appellant] in hoger beroep is gekomen van het vonnis van de kantonrechter in de rechtbank Den Haag van 20 maart 2024;
- het arrest van dit hof van 13 augustus 2024, waarin een mondelinge behandeling is gelast;
- het proces-verbaal van de mondelinge behandeling van 22 oktober 2024;
- de memorie van grieven van [appellant];
- de memorie van antwoord van Scardi, met bijlagen.
3.Feitelijke achtergrond
2003:
2008:
2009:
2018:
4.Procedure bij de rechtbank
- ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van het gehuurde;
- veroordeling van [appellant] om, vanaf 1 januari 2024 tot aan de ontruiming van het gehuurde, aan Scardi te voldoen een bedrag van € 510,28 per maand, vermeerderd met wettelijke rente.
5.Vordering in hoger beroep
6.Beoordeling in hoger beroep
7.Beslissing
- bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter in de rechtbank Den Haag van 20 maart 2024;
- veroordeelt [appellant] in de kosten van de procedure in hoger beroep, aan de zijde van Scardi begroot op € 3.404,-, te betalen binnen veertien dagen na heden;
- bepaalt dat als [appellant] niet binnen veertien dagen na aanschrijving aan de uitspraak heeft voldaan en dit arrest vervolgens wordt betekend, [appellant] de kosten van die betekening moet betalen, plus extra nakosten van € 92,-;
- verklaart dit arrest uitvoerbaar bij voorraad.