Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Uitspraak van 6 november 2025
[X] te [Z] , belanghebbende,
de inspecteur van de Belastingdienst, de Inspecteur,
Procesverloop
Feiten
AWMotor zerlegen Reinigen80,00 7,57 V605,60
Oordeel van de Rechtbank
Schade
Gerechtshof Den Haag
In deze zaak gaat het om een hoger beroep van belanghebbende tegen de uitspraak van de Rechtbank Den Haag inzake een naheffingsaanslag in de belasting van personenauto’s en motorrijwielen (BPM). De Rechtbank had de naheffingsaanslag verminderd, maar de belanghebbende stelde dat er schade aan de kettingspanner van zijn Audi RS3 Limousine was, die niet was meegenomen in de taxatie. De Rechtbank oordeelde dat de belanghebbende niet aannemelijk had gemaakt dat deze schade al aanwezig was ten tijde van de registratie van de auto. De belanghebbende had een bedrag van € 5.393 aan BPM betaald, maar de Rechtbank verlaagde dit bedrag naar € 5.261 en kende een schadevergoeding van € 1.000 toe wegens overschrijding van de redelijke termijn. In hoger beroep heeft het Gerechtshof Den Haag de uitspraak van de Rechtbank bevestigd. Het Hof oordeelde dat de belanghebbende niet voldoende bewijs had geleverd voor de schade aan de kettingspanner en dat de eerdere taxaties geen schade hadden geconstateerd. Het Hof concludeerde dat het hoger beroep ongegrond was en dat er geen proceskostenvergoeding werd toegekend.