ECLI:NL:GHDHA:2024:907
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Chr.Th.P.M. Zandhuis
- R.A. Bosman
- M.J.M. van der Weijden
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding bij belastingaanslag 2018
Belanghebbende stelde bezwaar en beroep in tegen een aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over 2018, waarbij de Inspecteur het belastbaar inkomen corrigeerde vanwege het ontbreken van een objectieve voordeelsverwachting uit onderneming en niet-toegestane aftrek van lijfrentepremies.
De Rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarbij werd overwogen dat belanghebbende onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat er een objectieve verwachting was op voordeel uit de onderneming. Tevens werd bevestigd dat de belastingrente correct was berekend en dat het beroep op gewekt vertrouwen faalde.
Belanghebbende stelde hoger beroep in, maar het Gerechtshof oordeelde dat het hogerberoepschrift te laat was ingediend. De termijn voor het indienen van hoger beroep was zes weken na verzending van het vonnis van de Rechtbank, en het stuk was niet tijdig ter post bezorgd noch was sprake van verschoonbare omstandigheden.
Daarom werd het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door het Gerechtshof Den Haag op 14 februari 2024.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding zonder verschoonbare omstandigheden.