Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Arrest van 26 november 2024
de heer [appellant],
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Den Haag
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Den Haag waarin de toepassing van de schuldsaneringsregeling was toegewezen, maar waarbij niet was beslist op zijn verzoek om een eerdere ingangsdatum van die regeling.
In het hoger beroep heeft appellant aangevoerd dat hij zich maximaal heeft ingespannen in het minnelijk traject, ondanks een betwiste schuld aan Rodri B.V., een familiebedrijf van appellant. Tevens was de sollicitatieplicht niet op hem van toepassing vanwege zijn leeftijd. Het hof heeft geoordeeld dat appellant aan de inspanningsplicht heeft voldaan.
Daarom heeft het hof het verzoek om de ingangsdatum van de schuldsaneringsregeling te vervroegen toegewezen. De termijn van de regeling is vastgesteld op 10 maanden, te rekenen vanaf de datum van het arrest, waardoor deze termijn eindigt op 26 september 2025.
Het bestreden vonnis van 30 september 2024 is vernietigd voor zover het niet op het verzoek tot termijnverkorting besliste en de zaak is verwezen naar de rechtbank ter uitvoering van de regeling. Voor het overige is het vonnis bekrachtigd.
Uitkomst: De ingangsdatum van de wettelijke schuldsaneringsregeling wordt vervroegd en de termijn vastgesteld op 10 maanden vanaf het arrest.