Uitspraak
Gerechtshof Den Haag
Arrest
[verdachte],
/hebbenverdachte en
/of zijn mededadertoen aldaar opzettelijk (in of nabij een bouwkeet) een of meer voorwerpen en/of brandbare/ontvlambare (vloei)stoffen aangestoken,
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Den Haag
In deze zaak stond verdachte terecht voor opzettelijke brandstichting op een bouwlocatie te Rotterdam op 30 juni 2019, waarbij aanzienlijke schade ontstond aan onder meer een bouwkeet. De rechtbank sprak verdachte vrij omdat niet buiten redelijke twijfel kon worden vastgesteld of verdachte of diens medeverdachte de branden had gesticht, noch was er voldoende bewijs voor medeplegen.
De officier van justitie stelde hoger beroep in tegen deze vrijspraak, terwijl het hoger beroep van verdachte zich richtte op andere tenlasteleggingen. Het hof heeft het vonnis van de rechtbank bevestigd en voegde toe dat zelfs de relatie tussen de grote brand en de twee kleine brandjes niet onomstotelijk vaststaat.
Daarnaast werd verdachte veroordeeld voor druggerelateerde feiten en kreeg een taakstraf opgelegd. De benadeelde partij werd niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering tot schadevergoeding. Het hof verklaarde verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep tegen de vrijspraak wegens overschrijding van de beroepstermijn.
Het arrest is gewezen door de meervoudige kamer van het gerechtshof Den Haag op 11 oktober 2024.
Uitkomst: Het hof bevestigt de vrijspraak van verdachte voor opzettelijke brandstichting wegens onvoldoende bewijs.