ECLI:NL:GHDHA:2024:1035
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens te late indiening belastingaanslagen 2016-2018
Belanghebbende, een internationaal makelaar, was het niet eens met de aanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (IB/PVV) over de jaren 2016, 2017 en 2018. De Rechtbank Den Haag had deels het beroep gegrond verklaard voor 2016 en de overige beroepen ongegrond. Belanghebbende stelde hiertegen hoger beroep in.
Het hogerberoepschrift werd echter één dag na de uiterste termijn digitaal ingediend. Belanghebbende voerde aan dat hij door werkzaamheden ’s nachts niet eerder kon indienen, maar stelde geen feiten die geringe verwijtbaarheid aannemelijk maakten.
Het Gerechtshof oordeelde dat de termijnoverschrijding niet verschoonbaar was en verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken. De uitspraak is op 18 juni 2024 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening zonder geringe verwijtbaarheid.