Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Uitspraak van 11 april 2023
[X] te [Z] , belanghebbende,
de heffingsambtenaar van de gemeente Den Haag, de Heffingsambtenaar,
Procesverloop
Feiten
Oordeel van de Rechtbank
Beoordeling van het geschil
Gerechtshof Den Haag
Belanghebbende is eigenaar van een woning in aanbouw gelegen op erfpachtgrond. De heffingsambtenaar stelde de WOZ-waarde voor 2021 vast inclusief de waarde van de grond. Belanghebbende maakte bezwaar tegen de beschikking en aanslag onroerendezaakbelasting, stellende dat de grond niet in de waardering meegenomen mocht worden vanwege het erfpachtrecht. De Rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde de waardering inclusief de grondwaarde.
In hoger beroep betoogde belanghebbende dat hij geen eigenaar van de grond was en daarom niet belast kon worden over de waarde daarvan. Het Hof overwoog dat de Wet WOZ en de Gemeentewet een fictie hanteren waarbij de waarde van de grond wordt meegenomen ongeacht het erfpachtrecht. Ook is de aanslag terecht opgelegd aan belanghebbende als genothebber krachtens beperkt recht.
Het Hof bevestigde dat de waarde van de grond bij de waardebepaling hoort en dat de aanslag niet te hoog is vastgesteld. Het beroep in hoger beroep werd ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de WOZ-waarde inclusief erfpachtgrond wordt bevestigd.