ECLI:NL:GHDHA:2023:1493
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Financiële afwikkeling informele samenwoning zonder mede-eigendom of schenking
In deze zaak staat de financiële afwikkeling van een informele samenwoning centraal. De vrouw kwam in hoger beroep tegen een vonnis van de rechtbank Den Haag waarin zij slechts beperkte vorderingen toegewezen kreeg. Zij stelde aanspraak te maken op compensatie voor de inboedel, een auto en nabetaling van toeslagen.
Het hof overweegt dat het enkele feit van samenwoning en het delen van huishoudkosten niet leidt tot mede-eigendom van goederen. De vrouw heeft onvoldoende gesteld en bewezen dat er sprake is van mede-eigendom van inboedel of dat de man haar een schenking heeft gedaan van de auto. Ook de vordering tot verdeling van toeslagen faalt omdat er geen afspraken zijn gemaakt en de vrouw geen rechtsgrond heeft gesteld.
Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en compenseert de proceskosten, zodat iedere partij zijn eigen kosten draagt. De vorderingen van de vrouw worden afgewezen wegens gebrek aan voldoende onderbouwing en bewijs.
Uitkomst: Het hof wijst de vorderingen van de vrouw af en bekrachtigt het vonnis van de rechtbank.