ECLI:NL:GHDHA:2022:574
Gerechtshof Den Haag
- Beschikking
- C.M. Warnaar
- A.C. Olland
- A.A.F. Donders
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep kinderontvoeringszaak: teruggeleiding minderjarige van Nederland naar Egypte gelast
Deze zaak betreft een kinderontvoeringsgeschil waarbij de vader in hoger beroep verzoekt om teruggeleiding van zijn minderjarige kind van Nederland naar Egypte. De rechtbank had het verzoek tot teruggeleiding afgewezen, maar het hof vernietigt deze beslissing en gelast de terugkeer.
De ouders zijn in Egypte gehuwd geweest en gescheiden in oktober 2021. Het kind is in Egypte geboren en heeft de Egyptische nationaliteit. De moeder is in november 2021 met het kind naar Nederland gekomen zonder overleg met de vader en zonder vaste woonruimte of voorbereiding. De vraag was of de gewone verblijfplaats van het kind was gewijzigd van Egypte naar Nederland. Het hof oordeelt dat ondanks een intentie tot gezinshereniging onvoldoende uitvoering is gegeven aan een daadwerkelijke vestiging in Nederland.
Het hof stelt vast dat er sprake is van een ongeoorloofde overbrenging van het kind naar Nederland in de zin van het Haags Kinderontvoeringsverdrag, dat Egypte niet heeft geratificeerd. De teruggeleiding wordt daarom gelast, tenzij sprake is van een weigeringsgrond, welke door de moeder onvoldoende is onderbouwd. Verzoek tot kostenvergoeding van de moeder wordt afgewezen. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en de bijzondere curator wordt ontslagen.
Uitkomst: Het hof gelast de teruggeleiding van de minderjarige naar Egypte uiterlijk 11 april 2022 en vernietigt de bestreden beschikking.