Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
1.[appellant 1],
2. [appellant 2],
3. [appellant 3],
4. [appellant 4],
5. [appellant 5],
1.de vereniging met volledige rechtsbevoegdheidHaagse Moslim-Vereniging “Noeroel Islam” (Ahle Soennat Wal Jamaat Hanefie),
hierna te noemen: de Vereniging,
2. [geïntimeerde 2],
3. [geïntimeerde 3],
4. [geïntimeerde 4],
5. [geïntimeerde 5],
6. [geïntimeerde 6],
7. [geïntimeerde 7],
8. [geïntimeerde 8],
1.Het geding
2.De feiten
…zal het bestuur van de Vereniging zich richten tot alle verenigingsleden met de mededeling dat de financiën van de Vereniging voor de toekomst (lees: vanaf 1 januari 2003) in die zin geprofessionaliseerd zullen worden dat bijstand van een boekhouder zal worden ingeroepen en dat aan deze boekhouder opdracht zal worden gegeven om een openingsbalans van de Vereniging per 1 januari 2003 op te stellen. Deze aanschrijving aan de leden zal worden ondertekend door alle leden van het bestuur.”
3.De procedure in eerste aanleg
4.Het geschil in hoger beroep
5.De beoordeling
grief 1het oordeel van de rechtbank dat de quorumeis in de statuten alleen geldt voor besluiten van buitengewone ledenvergaderingen en niet voor besluiten van algemene ledenvergaderingen. Volgens [appellanten] moeten de statuten zo worden uitgelegd dat de quorumeis geldt voor besluiten van zowel de algemene- als de bijzondere ledenvergadering.
grief 2bestrijden [appellanten] het oordeel van de rechtbank dat de Vereniging c.s. niet gehouden zijn alsnog rekening en verantwoording af te leggen. Volgens [appellanten] brengen (i) het ontbreken van een toelichting op de balans en de staat van baten en lasten; (ii) het ontbreken van een handtekening onder de balans en de staat van baten en lasten; (iii) het feit dat de ledenvergadering geen rechtsgeldige besluiten kon nemen omdat niet is voldaan aan de quorumeis, in samenhang met (iv) de door [appellanten] genoemde bijkomende omstandigheden mee dat het bestuur alsnog de ondertekende balans en de ondertekende staat van baten en lasten met toelichting aan de ledenvergadering ter beschikking moet stellen.
grief 3bestrijden [appellanten] het oordeel van de rechtbank dat het bestuur niet gehouden is tot beantwoording van de Vragen. Volgens hen vloeit een dergelijke verplichting voort uit artikel 2:8 BW Pro.
grief 4bestrijden [appellanten] de afwijzing door de rechtbank van hun vordering tot het opnieuw ter goedkeuring voorleggen van de begroting.