ECLI:NL:GHDHA:2020:2001
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep kort geding
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging vonnis kort geding inzake executiegeschil en onrechtmatige publicaties
In deze zaak draait het om een executiegeschil tussen appellant, beheerder van een website met beschuldigingen over de moord op Marianne Vaatstra, en geïntimeerde, die onrechtmatige publicaties en stalking aanvoert.
De voorzieningenrechter had appellant verboden om geïntimeerde te betrekken in publicaties en een rectificatie te plaatsen, met dwangsommen bij overtreding. Appellant verwijderde de rectificatie voortijdig en plaatste nieuwe artikelen met de naam van geïntimeerde.
Geïntimeerde legde beslag vanwege verbeurde dwangsommen. Appellant vorderde opheffing van het beslag en een executieverbod, terwijl geïntimeerde reconventioneel verwijdering van artikelen en een publicatieverbod vorderde.
Het hof oordeelt dat appellant geen belang heeft bij opheffing van het beslag omdat het beslag geen doel heeft getroffen. Het executieverbod wordt afgewezen omdat appellant niet volledig aan de veroordelingen heeft voldaan en geen sprake is van misbruik van bevoegdheid.
De reconventionele vordering tot verwijdering van onrechtmatige publicaties wordt bevestigd en met dwangsom verzwaard. Het hoger beroep faalt en het vonnis wordt bekrachtigd, met veroordeling van appellant in proceskosten.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en wijst het hoger beroep af, met veroordeling van appellant in proceskosten.