Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
arrest van 25 februari 2020
Post Kogeko Perishables Ltd.,
Het geding
Beoordeling van het hoger beroep
“ieder, die door een werkgever in dienst is genomen voor een bepaalde of onbepaalde tijd van 5 achtereenvolgende werkdagen of langer en die zijn werkzaamheden voor de werkgever gewoonlijk verricht in of vanuit de in Nederland gevestigde onderneming”(..).In de kern gaat het hier om de vraag of [de werknemers] werknemers zijn die gewoonlijk werk(t)en
“in of vanuit de in Nederland gevestigde onderneming”.Waar de tekst op zich onvoldoende duidelijkheid geeft, dient deze in zijn context te worden uitgelegd.
Tegen de achtergrond van die uitlegnorm en bij gebreke van een schriftelijke toelichting op de Cao, is het hof bij de uitleg van de Cao aangewezen op de tekst en strekking van de Cao zelf.
“in of vanuit”begrepen moet worden als daadwerkelijk, fysiek in of vanuit (in dit geval) Maasdijk de werkzaamheden voor de werkgever verrichten. Dat ligt voor de hand nu het hier een Cao betreft voor het vervoer van goederen. Kenmerkend daarvoor is de fysieke activiteit van verplaatsing. De Cao ziet op de rol en fysieke betrokkenheid van de chauffeur daarbij. Het hof ziet geen aanknoping in de Cao voor een andere benadering.
“in of vanuit”Maasdijk.
“V
oor zover het op een individuele arbeidsovereenkomst toepasselijke recht niet door de partijen is gekozen, wordt de overeenkomst beheerst door het recht van het land waar of, bij gebreke daarvan, van waaruit de werknemer ter uitvoering van de overeenkomst gewoonlijk zijn arbeid verricht. Het land waar de arbeid gewoonlijk wordt verricht wordt niet geacht te zijn gewijzigd wanneer de werknemer zijn arbeid tijdelijk in een ander land verricht”.
“Het criterium van het gewoonlijk werkland wordt aldus verstaan dat het gaat om het land waar of van waaruit de werknemer, rekening gehouden met alle elementen die deze werkzaamheden kenmerken, het belangrijkste deel van zijn verplichtingen jegens zijn
Beslissing
- veroordeelt [de werknemers] hoofdelijk in de kosten van het geding in hoger beroep, in die zin dat als een van hen betaalt de anderen zijn bevrijd, aan de zijde van PKP tot op heden begroot op € 5.382,-- aan verschotten en € 3.222,-- aan salaris advocaat;
- verklaart dit arrest ten aanzien van de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.