Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Arrest van 9 april 2019
Het verloop van het geding
De beoordeling van het hoger beroep
€ 102.500,-.
Beslissing
€ 4.209,- en aldus gespecificeerd:
Gerechtshof Den Haag
Partijen zijn sinds 1974 gehuwd in gemeenschap van goederen en sinds 2009 gescheiden. De verdeling van de huwelijksgemeenschap is door langdurige onverdeeldheid en onvoldoende informatie van de man complex geworden.
De man stelde dat bepaalde gelden en activa niet tot de gemeenschap behoorden, maar kon dit onvoldoende onderbouwen. Het hof oordeelde dat de peildatum voor de gemeenschap 17 februari 2009 is en dat de man onvoldoende feiten heeft gesteld over de waarde en verdeling van aandelen en het onroerend goed in Frankrijk.
Het hof besloot tot een partiële verdeling vanwege de uitzonderlijke situatie, waarbij de woning in Nederland, beleggingsrekeningen en banksaldi aan de vrouw worden toegedeeld onder verrekening. De overige activa blijven onverdeeld totdat meer duidelijkheid is verkregen. De man werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof deelt een deel van de huwelijksgemeenschap toe aan de vrouw en laat de rest onverdeeld wegens onvoldoende feiten van de man.