Uitspraak
Gerechtshof Den Haag
Arrest
[verdachte],
BESLISSING
betaling aan de Staatter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel van een bedrag van
€ 11.028,00 (elfduizend achtentwintig euro).
Gerechtshof Den Haag
In hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Den Haag inzake ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel uit mensenhandel, heeft het gerechtshof het bedrag van de betalingsverplichting aan de Staat verminderd. De rechtbank had een bedrag van €16.893 vastgesteld als wederrechtelijk verkregen voordeel en dit bedrag aan de veroordeelde opgelegd ter betaling.
Het hof oordeelde dat door de verbeurdverklaring van het onder de veroordeelde in beslaggenomen geldbedrag van €5.865, dit bedrag reeds is ontnomen. Daarom wordt de betalingsverplichting verminderd met dit bedrag, waardoor het resterende bedrag €11.028 bedraagt.
De overige onderdelen van het vonnis blijven ongewijzigd bevestigd. De beslissing is genomen na kennisname van de vordering van de advocaat-generaal en de verdediging, en na onderzoek van de feiten en het bewijs in eerste aanleg en hoger beroep.
Het arrest is gewezen door mr. S.A.J. van 't Hul, mr. R.J. de Bruijn en mr. E. van Die en uitgesproken op 30 januari 2018.
Uitkomst: Betalingsverplichting tot ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel verminderd tot €11.028 vanwege verbeurdverklaring van €5.865.