Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
zaak-/rolnummer rechtbank: C/09/531668 / KG ZA 17-543
Gerechtshof Den Haag
Groenoord exploiteert een partycentrum en huurt daarvoor een bedrijfsruimte in Leiden. De gemeente Leiden stelde dat het gebruik van deze ruimte in strijd was met het bestemmingsplan en legde een dwangsom op, wat Groenoord aansprak. Na diverse bestuursrechtelijke procedures werd vastgesteld dat de besluiten van de gemeente onrechtmatig waren.
Groenoord vorderde in kort geding een voorschot van €390.000,- op de schadevergoeding, gebaseerd op een schadenotitie van Horatio. De rechtbank wees dit af wegens onvoldoende onderbouwing en betwisting door de gemeente. In hoger beroep handhaafde het hof dit oordeel en benadrukte de verzwaarde stelplicht bij voorschotten in kort geding.
Het hof oordeelde dat de stukken ter onderbouwing onvoldoende waren, onder meer omdat de gebruikte prognoses waren gebaseerd op een failliet bedrijf en niet representatief waren. Ook ontbraken concrete boekingen en financiële gegevens die de schade aannemelijk maakten. Bovendien bleek uit het ontbreken van exploitatie na vernietiging van de besluiten dat Groenoord onvoldoende spoedeisend belang had.
Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank en veroordeelde Groenoord in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot voorschot op schadevergoeding af wegens onvoldoende onderbouwing en bekrachtigt het vonnis van de rechtbank.