Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
arrest van 8 mei 2018
[appellant] ,
Stichting International Seamen Offshore Personnel Foundation,
[geintimeerde sub 2],
[geintimeerde sub 3],
Gerechtshof Den Haag
In deze civiele zaak staat de vraag centraal of de bestuurders van de Stichting International Seamen Offshore Personnel Foundation (ISOPF) persoonlijk aansprakelijk zijn voor het niet betalen van een bedrag van € 23.375,- aan appellant, die ernstig letsel opliep bij een arbeidsongeval.
Appellant had ISOPF gemachtigd om namens hem op te treden in een schadegeschil met zijn werkgever. ISOPF ontving betalingen van de werkgever, waarvan een deel aan appellant moest worden doorbetaald. Na een geschil over een bedrag van € 27.500,- dat door ISOPF was ontvangen, werd appellant in eerste aanleg door de rechtbank toegewezen dat ISOPF moest betalen en het dossier moest afgeven. De bestuurders werden in eerste aanleg niet persoonlijk aansprakelijk gehouden.
In hoger beroep vernietigt het hof dit oordeel voor zover het de persoonlijke aansprakelijkheid van de bestuurders betreft. Het hof oordeelt dat de bestuurders persoonlijk ernstig verwijtbaar hebben gehandeld door de stichting te ontbinden zonder betaling aan appellant, terwijl zij beschikten over de middelen om te betalen. Hierdoor zijn zij hoofdelijk aansprakelijk voor het onbetaald gebleven bedrag. De vordering tot afgifte van het dossier wordt afgewezen wegens gebrek aan bewijs dat nog stukken aanwezig zijn.
Het hof veroordeelt de bestuurders tot betaling van € 20.186,11 plus rente en in de proceskosten, verklaart het hoger beroep tegen ISOPF niet-ontvankelijk en bekrachtigt het vonnis voor het overige.
Uitkomst: Bestuurders worden persoonlijk aansprakelijk gehouden voor betaling van € 20.186,11 plus rente aan appellant.