ECLI:NL:GHDHA:2017:3652

Gerechtshof Den Haag

Datum uitspraak
21 november 2017
Publicatiedatum
19 december 2017
Zaaknummer
22-001844-17
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Nietig
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 588 Sv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Nietigheid dagvaarding wegens onjuiste betekening aan penitentiaire inrichting

In deze strafzaak was de verdachte sinds juni 2017 ingeschreven op een adres binnen een penitentiaire inrichting te Dordrecht. Volgens artikel 588 Sv Pro moet de dagvaarding worden betekend op het adres waar de verdachte staat ingeschreven. De appeldagvaarding is echter niet aangenomen door de penitentiaire inrichting en niet aan de verdachte aangeboden.

De brief van de Interdepartementale post- en koeriersdienst gaf aan dat de dagvaarding aan de afdeling bevolking van de inrichting had moeten worden aangeboden, die vervolgens zorg zou dragen voor betekening aan de verdachte. Dit is niet gebeurd. Hierdoor is de dagvaarding niet op de wettelijk voorgeschreven wijze betekend.

Omdat de verdachte niet op de terechtzitting in hoger beroep is verschenen en er geen poging is gedaan om de dagvaarding op correcte wijze te betekenen, verklaart het hof de dagvaarding nietig. Dit betekent dat het hoger beroep niet ontvankelijk is wegens een procedurele tekortkoming.

Uitkomst: De dagvaarding in hoger beroep is nietig verklaard wegens onjuiste betekening.

Uitspraak

Rolnummer: 22-001844-17
Parketnummer: 10-741143-17
Datum uitspraak: 21 november 2017

Gerechtshof Den Haag

meervoudige kamer voor strafzaken

Arrest

gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Rotterdam van 6 april 2017 in de strafzaak tegen de verdachte:

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortejaar] 1971,
ingeschreven op het [adres].
Vordering van de advocaat-generaal
Ter terechtzitting in hoger beroep van 21 november 2017 heeft de advocaat-generaal zich ten aanzien van de geldigheid van de betekening van de dagvaarding van de verdachte om ter terechtzitting in hoger beroep van 21 november 2017 te verschijnen gerefereerd aan het oordeel van het hof.
Geldigheid van de dagvaarding in hoger beroep
Uit de aan de akte van uitreiking gehechte SKDB-informatiestaat d.d. 26 september 2017 blijkt dat de verdachte sinds 13 juni 2017 staat ingeschreven op het adres [adres] te Dordrecht. Artikel 588 van Pro het Wetboek van Strafvordering schrijft voor dat in dat geval getracht moet worden de dagvaarding uit te reiken op het adres waar de verdachte staat ingeschreven.
Blijkens een aan de akte uitreiking gehechte brief van [persoon], werkzaam bij de Interdepartementale post- en koeriersdienst, betreft het adres [adres] te Dordrecht een Penitentiaire Inrichting.
Uit deze brief blijkt voorts dat de appeldagvaarding bestemd voor de verdachte niet is aangenomen en om die reden niet is aangeboden aan de geadresseerde.
Volgens [persoon] had de akte aan de afdeling bevolking van de Penitentiaire Inrichting aangeboden dienen te worden, waarna die afdeling zorg zou dragen voor betekening van (naar het hof begrijpt:) de dagvaarding.
Uit de akte uitreiking voor de zitting van 21 november 2017 die in het dossier is gevoegd, blijkt niet dat zulks is geschied.
Naar het oordeel van het hof is de dagvaarding van de verdachte om ter terechtzitting in hoger beroep van 21 november 2017 te verschijnen niet op de bij de wet voorgeschreven wijze betekend.
Nu de verdachte niet op genoemde terechtzitting in hoger beroep is verschenen, dient de dagvaarding nietig te worden verklaard.
BESLISSING
Het hof:
Verklaart de dagvaarding in hoger beroep nietig.
Dit arrest is gewezen door mr. C.J. van der Wilt, mr. I.E. de Vries en mr. B.P. de Boer, in bijzijn van de griffier mr. G. Schmidt-Fries.
Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van het hof van 21 november 2017.