ECLI:NL:GHDHA:2017:316
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- T.G. Lautenbach
- J.E.H.M. Pinckaers
- P. van der Kolk-Nunes
- Rechtspraak.nl
Geen wilsovereenstemming over huurovereenkomst bedrijfsruimte; aanbod niet aanvaard
In deze zaak staat centraal of tussen [appellant 1] c.s. en [geïntimeerde] een huurovereenkomst tot stand is gekomen voor een bedrijfsruimte in het pand van [appellant 1] c.s. te [plaatsnaam]. [Geïntimeerde] huurde een deel van de ruimte als onderhuurder van Topfloor, de huurder van [appellant 1] c.s. Een concept huurovereenkomst is aan [geïntimeerde] voorgelegd, maar deze is niet ondertekend en er is geen bewijs van aanvaarding.
De correspondentie tussen partijen toont aan dat er geen overeenstemming was over de huurvoorwaarden en de duur van de overeenkomst. [Geïntimeerde] betaalde op verzoek van [appellant 1] c.s. rechtstreeks huur, maar dit was onvoldoende om een huurovereenkomst aan te nemen. De kantonrechter had reeds geoordeeld dat de ruimte geen bedrijfsruimte in de zin van artikel 7:290 BW Pro was, maar een magazijn voor een webshop, waardoor een ander regime van toepassing is.
Het hof bevestigt dat geen huurovereenkomst tot stand is gekomen en dat [geïntimeerde] de huur rechtsgeldig heeft opgezegd. Ook de vordering tot betaling van vaste lasten wordt afgewezen omdat onvoldoende is onderbouwd dat [geïntimeerde] deze aan [appellant 1] c.s. verschuldigd was. Het vonnis van de kantonrechter wordt bekrachtigd en [appellant 1] c.s. wordt veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Geen huurovereenkomst tot stand gekomen; vorderingen appellant afgewezen en vonnis kantonrechter bekrachtigd.