Uitspraak
Gerechtshof Den Haag
Arrest
[medeverdachte 1],
hij, op één of meer tijdstip(pen), in of omstreeks de periode van 16 februari 1987 tot en met 05 maart 2009, te Maastricht en/of te Walem, gemeente Valkenburg aan de Geul, in elk geval (elders) in Nederland en/of te Plombieres, in elk geval (elders) in België en/of te Hamburg en/of Aken, in elk geval (elders) in Duitsland,
hij, op één of meer tijdstip(pen), in of omstreeks de periode van 01 november 2008 tot en met 05 maart 2009,
en/ofaan de verzekeringsmaatschappij (2e streepje). De verdere verfeitelijkingen (3e, 4e en 5e streepje, steeds gevolgd door
en/of) hoeven niet per se betrekking te hebben op de beide varianten, maar kunnen ook op één van beide terugslaan. Dat maakt de tenlastelegging niet innerlijk tegenstrijdig of onduidelijk. De strekking van de tenlastelegging is, in samenhang bezien met het voorliggende dossier, duidelijk en dus niet nietig.
medein Nederland zijn gepleegd. De handelingen die daarbij eventueel niet in Nederland zijn verricht, kunnen volledig in aanmerking worden genomen. Nu in het onderhavige geval de verweten feiten mede in Nederland zijn gepleegd, staat niets aan de rechtsmacht van de Nederlandse rechter in de weg.
“De getuige (het hof begrijpt: [de privé detective]) heeft een dusdanige vertrouwensband opgebouwd met [medeverdachte 2]; het ligt niet in de lijn der verwachting dat een politie-ambtenaar binnen een afzienbare tijd een zelfde vertrouwensrelatie heeft opgebouwd. Het ligt echter wel in de lijn der verwachting dat de getuige – op aangeven van het tactisch team – een politie-ambtenaar kan introduceren bij [medeverdachte 2], teneinde de rol van de getuige binnen dit onderzoek weg te nemen.”
- Van diefstal of verduistering van de schilderijen door [de galeriehouder] kan geen sprake zijn nu [de galeriehouder] zelf eigenaar van de schilderijen was.
- [de galeriehouder] heeft afstand van de schilderijen gedaan door de overdracht ervan aan [medeverdachte 1] en zijn vrouw en de opdracht om ze te verbranden. De schilderijen waren daardoor res derelicta. Dat wordt nog bevestigd door de omstandigheid dat [de galeriehouder], toen hij wist dat de schilderijen niet verbrand waren, deze niet heeft opgeëist.
- [medeverdachte 1] is in 2007 eigenaar geworden door verjaring.
- De schilderijen waren niet het product van de verzekeringsfraude, dat was de verzekeringsuitkering.
- De verzekeringsfraude is gepleegd na de afstand van het bezit van de schilderijen door [de galeriehouder].
- [medeverdachte 1] heeft de schilderijen meer dan 20 jaar in zijn woning verborgen gehouden. Gesteld noch gebleken is dat hij daarover iemand geïnformeerd heeft. Dat de schilderijen, of een aantal ervan, gedurende zekere tijd in zijn woning aan de muur hebben gehangen, doet hieraan niet af. Een willekeurige bezoeker zou, naar moet worden aangenomen, niet hebben kunnen bevroeden dat het om “gestolen” schilderijen ging.
- In de contacten met [de privé detective] is aanvankelijk gebruik gemaakt van valse namen (voor [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3]).
- Vermeden werd dat [medeverdachte 1] zelf contact zou hebben met [de privé detective] of de Engelsen.
- In de contacten met [de privé detective] en de Engelsen is de identiteit van de persoon die de schilderijen al die jaren onder zich had, niet bekend gemaakt. Hij moest zelfs “buiten het strafrecht” worden gehouden.
- In de contacten met [de privé detective] en de Engelsen is de plek waar de schilderijen zich bevonden (in de woning van [medeverdachte 1]) niet bekend gemaakt.
- Bij de beoogde controle op 5 maart 2009 zijn de schilderijen niet gezamenlijk gebracht, maar gebeurde dat in etappes, kennelijk om te voorkomen dat de schilderijen op enig moment allemaal op dezelfde plek waren.
alvorenseen beloning/vergoeding was zeker gesteld. Het hof verwijst in dit verband ook naar hetgeen hierna onder K wordt overwogen.
sub aen
sub b) van feit 1 1e cumulatief/alternatief over de periode van 3 tot en met 5 maart 2009, toen gezamenlijk werd gezorgd voor het klaarmaken van de schilderijen voor de controle door de Engelsen op 5 maart 2009 en het overbrengen van de schilderijen naar [medeverdachte 2] en de Engelsen in het hotel in Valkenburg, alsmede op het witwassen van feit 1 2e cumulatief/alternatief 1e variant en de helingspoging van feit 2 primair, beide over de periode van 1 november 2008 tot en met 5 maart 2009.
sub aSr. en/of de opzet/schuldheling van artikel 416/417bis lid 1
sub bSr.
sub akan dus bewezen worden verklaard over de periode als ten laste gelegd.
sub bbedoelde feit het bestanddeel “opzettelijk” op te nemen, kan de bewezenverklaring ten aanzien van dit onderdeel niet als strafbaar feit worden gekwalificeerd, zodat ontslag van rechtsvervolging ter zake van dat onderdeel
sub bdient te volgen.
1.
Eerste cumulatief/alternatief:
variant a:
uillebert en Breughel en Pissarro en Gonzales en Teniers en Van de Velde) voorhanden heeft gehad, terwijl hij ten tijde van het voorhanden krijgen van die schilderijen wist dat het door misdrijf verkregen schilderijen betrof;
variant b:
1 november 2008tot en met 05 maart 2009, te Walem, gemeente Valkenburg aan de Geul, en te Plombieres,
achtschilderijen (geschilderd door Renoir en Tro
uillebert en Breughel en Pissarro en Gonzales en Teniers en Van de Velde) voorhanden heeft gehad,
terwijl hetdoor misdrijf verkregen schilderijen betrof;
tweede cumulatief/alternatief:
1e variant:
1e periode:
31 oktober 2008, te Walem, gemeente Valkenburg aan de Geul,
achtschilderijen (geschilderd door Renoir en Tro
uillebert en Breughel en Pissarro en Gonzales en Teniers en Van de Velde),
heeftverborgen en/of verhuld, terwijl hij wist dat die schilderijen - onmiddellijk of middellijk - afkomstig waren van enig misdrijf,
2e periode:
1 november 2008tot en met 05 maart 2009, te Walem, gemeente Valkenburg aan de Geul, in elk geval (elders) in Nederland en te Plombieres en te Hamburg en Aken,
achtschilderijen (geschilderd door Renoir en Tro
uillebert en Breughel en Pissarro en Gonzales en Teniers en Van de Velde),
heeftverborgen en/of verhuld, terwijl hij, verdachte en zijn mededaders wisten dat die schilderijen - onmiddellijk of middellijk - afkomstig waren van enig misdrijf,
2.
uillebert en Breughel en Pissarro en Gonzales en Teniers en Van de Velde), de navolgende handelingen heeft verricht:
opzetheling
en
witwassen en medeplegen van witwassen.
BESLISSING
nietstrafbaar en ontslaat de verdachte te dier zake van alle rechtsvervolging.
Veroordeelt de verdachte tot een geldboete van
110 (honderdtien) dagen hechtenis.
teruggave aan verdachtevan de in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten:
nummers 1 tot en met 5op de in kopie aan dit arrest gehechte lijst van inbeslaggenomen voorwerpen.