De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld tot een gevangenisstraf van drie maanden voor het in voorraad hebben van grote hoeveelheden valse merkkleding van diverse bekende merken. In hoger beroep bevestigt het hof dat de verdachte bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat de goederen vals waren, waarmee sprake is van voorwaardelijk opzet.
Het hof acht het bewezen dat de verdachte op of omstreeks 17 september 2009 te Rotterdam en elders in Nederland valse merkkleding van onder meer Adidas, Björn Borg en Gucci in voorraad had. Het hof vernietigt het vonnis van de politierechter en doet opnieuw recht.
Hoewel het feit ernstig is, weegt het hof mee dat het ruim zes jaar geleden plaatsvond, de verdachte sindsdien niet is veroordeeld en inmiddels een vaste baan heeft. Daarom legt het hof een gevangenisstraf van twee maanden op, geheel voorwaardelijk met een proeftijd.
De verdachte wordt vrijgesproken van hetgeen niet bewezen is verklaard. De tijd die de verdachte in voorarrest heeft doorgebracht, wordt in mindering gebracht op de straf bij eventuele uitvoering.