ECLI:NL:GHDHA:2015:2742
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- E.M. Dousma-Valk
- T.G. Lautenbach
- H.E.M. Vrolijk
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk bij inroeping huurbeding hypotheekakte
In deze zaak gaat het om het hoger beroep van [K] en [R] tegen een beschikking van de voorzieningenrechter die ABN AMRO toestemming gaf het huurbeding uit de hypotheekakte in te roepen en ontruiming te gelasten.
De woning was sinds 2008 in eigendom van [W], die samen met zijn toenmalige partner een hypotheek had afgesloten bij ABN AMRO. In de hypotheekakte was bepaald dat verhuur alleen met schriftelijke toestemming van de bank mocht plaatsvinden. [K] en [R], moeder en stiefvader van [W], woonden met kinderen in de woning en waren ingeschreven sinds november 2008.
ABN AMRO had de lening opgezegd wegens wanbetaling en het pand te koop gesteld. Het hof oordeelde dat het hoger beroep tegen de beschikking niet-ontvankelijk is op grond van artikel 3:264 lid 6 BW Pro, dat appel tegen de verlening van huurbedingverlof uitsluit. Het verweer dat dit het recht op een eerlijk proces zou schenden, werd verworpen.
Ook werd overwogen dat de vermeende huurovereenkomst niet eerder dan november 2008 bestond, dus na het vestigen van de hypotheek. Het appel tegen het beheersbeding werd niet-ontvankelijk verklaard omdat dit niet meer aan de orde was. Het hof veroordeelde [K] en [R] in de proceskosten van ABN AMRO in hoger beroep.
Uitkomst: Het hof verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk en veroordeelt de appellanten in de proceskosten.