Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
arrest van 14 juli 2015
[werkgever],
[werknemer],
Het geding
Beoordeling van het hoger beroep
Beslissing
- verklaart [werkgever] niet ontvankelijk in de gevorderde verklaring voor recht;
- bekrachtigt de tussen partijen op 19 april 2013 en 4 april 2014 gewezen vonnissen van de rechtbank Rotterdam;
- veroordeelt [werkgever] in de kosten van het geding in hoger beroep, aan de zijde van [werknemer] tot op heden begroot op € 308,= aan griffierecht en € 948,- aan salaris advocaat en bepaalt dat deze bedragen binnen veertien dagen na de dag van deze uitspraak moeten zijn voldaan, bij gebreke waarvan de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro verschuldigd is vanaf het einde van voormelde termijn tot aan de dag der algehele voldoening;
- verklaart dit arrest ten aanzien van de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.