Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Arrest d.d. 2 juni 2015
in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van Dutch Nut Group B.V. gevestigd te Bergschenhoek,
Agra Tradingen “limited liability company”
Agra Ingredients Limited,
beide gevestigd te Dublin, Ierland,
voorwaardelijk incidenteel appellanten,
advocaat: mr. M. Deckers te Amsterdam.
Het verdere geding
De beoordeling van het hoger beroep
$ 1.674.436 is gehandhaafd.
sellers option. DNG stelt zich op het standpunt dat uitgegaan moet worden van de
buyers option. Hiermee dient zich de vraag aan of partijen geacht moeten worden te hebben gecontracteerd onder
sellers call(Agra Ingredients) of onder
buyers call(DNG).
buyers callis opgenomen, aan haar zijn verzonden. In reactie op deze betwisting is van de verzending door DNG geen bewijs aangeboden. Dat Agra Ingredients kennis heeft genomen van de opdrachtbevestigingen staat daarmee niet vast.
buyers option. Het was immers DNG die de gekochte partijen cashewnoten afriep aangezien zij op haar beurt ook haar respectieve (in tijd bepaalde) doorleveringsverplichtingen jegens haar afnemers had. Het was nimmer zo dat de verkoper, in dit geval Agra Ingredients, dat kon en mocht bepalen. Dit laatste zou ook volstrekt onlogisch zijn. Het zou betekenen dat Agra Ingredients op een voor haar gunstig laagste prijspeil in de markt (en dát kan zij al niet eens weten) met een hoeveelheid van 56 containers met een totale waarde tussen $ 4 miljoen en $ 5 miljoen, bij DNG op de stoep zou staan. Deze gedachte is onwerkelijk, niet overeengekomen en onjuist, aldus DNG. Zij vervolgt dat het (ook in de handelsrelatie met Agra Ingredients) “trading practice” was dat de verkochte hoeveelheden goederen evenredig over de gecontracteerde periode werden verdeeld. Daarom werd ook de periode waarin successievelijk moest worden geleverd, in het contract opgenomen. In haar hoedanigheid van productiebedrijf diende DNG over een constante goederenstroom te beschikken en zij heeft in dat kader tegen
buyers optiongecontracteerd. De inkoopafdeling van DNG had om die reden veelvuldig contact met Agra Ingredients om te bespreken wanneer zij welke goederen geleverd wilde hebben, aldus DNG.
Agra Ingredients stelt dat haar onderneming niet levensvatbaar zou zijn als zij niet zou contracteren op basis van
sellers option. Haar bedrijfsmodel is dat zij noten kan aankopen op momenten dat de marktprijzen laag zijn, die zij dan aan haar klanten kan leveren tegen eerder overeengekomen (en hopelijk hogere) prijzen. Die noten levert Agra Ingredients vervolgens aan haar klanten wanneer Agra Ingredients inkoopt (dus wanneer het haar uitkomt). Zou het andersom zijn, dan zou dit betekenen dat Agra Ingredients ten aanzien van alle contracten die zij met haar klanten sluit, de volledige contractwaarde aan volumes noten in voorraad moet houden omdat de klant op elk haar gewenst moment (
at the buyers call) de noten op afroep kan verkrijgen. Agra Ingredients zou dan de
shipping, opslag, verzekering en het beheer van alle noten voor elk van haar klanten vooruit moeten betalen en voor miljoenen euro’s aan noten in opslag moeten houden gedurende de contractperiode. Agra Ingredients heeft daarbij vervolgens geen enkele garantie dat haar klanten het contract nakomen en kan dus met pakhuizen vol noten blijven zitten, aldus Agra Ingredients.
De zin in rechtsoverweging 7.6.4. dat zonder nadere toelichting, die ontbreekt, niet valt in te zien hoe een niet op het gedane aanbod aansluitende aanvaarding heeft kunnen leiden tot een overeenkomst, heeft betrekking op de –zo door de rechtbank opgevatte- stelling van Agra Ingredients dat wel een overeenkomst over 15 containers tot stand is gekomen door op het spreadsheet aan die containers SOC-nummers toe te kennen. Deze zin strijdt niet met voormeld voorlopig bewijsoordeel dat is afgeleid uit bewijsstukken over aanbod en aanvaarding in het telefoongesprek op 7 september 2007.
Op het verweer van Agra Ingredients dat koopovereenkomsten als de onderhavige steeds pas tot stand komen na toekenning door Agra Ingredients van een SOC-nummer, heeft DNG gereageerd (samengevat) dat in het verleden regelmatig overeenkomsten ook zonder die toekenning werden gesloten en dat zij met de gestelde interne procedure van Agra Ingredients niet bekend was en redelijkerwijs niet bekend kon zijn. Tegenover deze reactie heeft Agra Ingredients ook in beroep onvoldoende ingebracht om het verweer te doen slagen. Ook het hof gaat daarom aan dat verweer voorbij. De incidentele grieven 1 tot en met 3 en 5 falen.