ECLI:NL:GHDHA:2013:CA4010
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Labohm
- Van Dijk
- Mertens-de Jong
- Rechtspraak.nl
Verrekening van overgespaard inkomen en pensioenverevening bij echtscheiding met complexe financiële verwevenheid
In deze civiele zaak stond de verrekening van overgespaard inkomen en de vaststelling van het te verrekenen vermogen tussen partijen centraal, mede in het kader van hun huwelijkse voorwaarden. Het geschil betrof onder meer de financiering van onroerende goederen, de rol van rente en aflossingen, belastinglatentie, rekening-courantschulden en de waarde van pensioenrechten.
Het hof stelde vast dat de man niet had aangetoond dat aflossingen op hypothecaire leningen waren gedaan uit privémiddelen, waardoor deze aflossingen en de waarde van de panden tot het te verrekenen vermogen behoren. De belastinglatentie op een van de panden werd deels meegenomen in de verrekening. De rekening-courantschuld werd slechts gedeeltelijk betrokken bij de verrekening op grond van redelijkheid en billijkheid. De waarde van de pensioenrechten van de vrouw werd vastgesteld en zij had recht op afstorting onder een door haar aan te wijzen levensverzekeringsmaatschappij, tenzij de continuïteit van de onderneming van de man in gevaar zou komen, wat niet was aangetoond.
De deskundige bracht uitgebreid verslag uit over de complexe verwevenheid van privé- en zakelijke geldstromen, wat het bewijs en de vaststelling van het te verrekenen vermogen bemoeilijkte. Het hof legde de bewijslast bij de man en wees zijn grieven af waar hij onvoldoende bewijs leverde. De man werd veroordeeld tot betaling van €117.032,50 plus wettelijke rente vanaf 23 augustus 2005 en tot afstorting van €102.013,- voor pensioenverevening. De kosten van het deskundigenonderzoek werden verdeeld waarbij de man drie vierde en de vrouw een vierde betaalde.
De uitspraak benadrukt het belang van een transparante administratie en het zorgvuldig omgaan met complexe financiële verhoudingen bij verrekening na echtscheiding.
Uitkomst: De man is veroordeeld tot betaling van €117.032,50 plus wettelijke rente en tot afstorting van €102.013,- voor pensioenverevening.