ECLI:NL:GHDHA:2013:BZ9506
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- A.A. Schuering
- C.J. van der Wilt
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Veroordeling diefstal met braak uit woning en toewijzing immateriële schadevergoeding
De verdachte werd in hoger beroep veroordeeld voor diefstal uit een woning in Gorinchem, gepleegd op 10 mei 2010. Hij had zich toegang verschaft door braak en diverse goederen ter waarde van ongeveer €10.000 weggenomen. Het hof achtte het bewezen dat het DNA van de verdachte op de plaats delict was aangetroffen, wat zijn betrokkenheid bevestigde.
De verdediging voerde aan dat er onvoldoende bewijs was behalve het DNA-spoor, maar het hof verwierp dit omdat de verdachte geen plausibele verklaring gaf voor het bloedspoor en zijn alibi niet onderbouwde. De straf werd bepaald op 3 maanden gevangenisstraf, rekening houdend met eerdere veroordelingen van de verdachte.
Daarnaast werd een immateriële schadevergoeding van €250 toegewezen aan het slachtoffer wegens de ernstige inbreuk op diens persoonlijke levenssfeer en gevoelens van onveiligheid. De verdachte werd verplicht dit bedrag aan de Staat te betalen ten behoeve van het slachtoffer, met wettelijke rente vanaf de datum van het delict.
Het hof vernietigde het eerdere vonnis van de politierechter en deed opnieuw recht, waarbij het bewezen verklaarde strafbaar werd gesteld en de verdachte strafbaar werd verklaard. De schorsing van het bevel tot voorlopige hechtenis werd opgeheven.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 3 maanden gevangenisstraf en toewijzing immateriële schadevergoeding van €250.