ECLI:NL:GHDHA:2013:BZ6162
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen verzuimboete vennootschapsbelasting wegens te late aangifte
Belanghebbende, opgericht in 2009, diende de aangifte vennootschapsbelasting 2009 te laat in, namelijk op 1 oktober 2010, na een uiterste termijn van 1 juni 2010 en na een aanmaning met uiterste datum 27 september 2010. De Inspecteur legde een verzuimboete op wegens het niet tijdig indienen van de aangifte. De rechtbank stelde de boete matigend vast op €1.230 en veroordeelde de Inspecteur in proceskosten.
In hoger beroep betoogde belanghebbende afwezigheid van alle schuld, onderbouwd met e-mailcorrespondentie tussen haar directeur en gemachtigde waaruit blijkt dat zij alles redelijkerwijs van haar kon worden verwacht heeft gedaan om tijdige indiening te bewerkstelligen. Het Hof oordeelde dat de Inspecteur aannemelijk had gemaakt dat de aanmaning correct was verzonden en ontvangen, waardoor het vermoeden van ontvangst bestond. Belanghebbende slaagde er echter in aannemelijk te maken dat zij ondanks deze aanmaning tijdig had willen handelen en dat de vertraging niet aan haar toe te rekenen was.
Het Hof vernietigde de uitspraak van de rechtbank en de boetebeschikking, oordeelde dat de boete ten onrechte was opgelegd wegens afwezigheid van alle schuld en veroordeelde de Inspecteur in de proceskosten van belanghebbende voor het hoger beroep. De uitspraak werd op 12 maart 2013 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De verzuimboete wegens te late aangifte vennootschapsbelasting 2009 wordt vernietigd wegens afwezigheid van alle schuld.