ECLI:NL:GHDHA:2013:BZ0906
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vordering tot afbraak illegale aanbouw wegens ontbreken toestemming en niet voldoen bouwvoorschriften
De huurder [geïntimeerde] huurt sinds 2009 een woning van Stichting Trivire en bracht zonder voorafgaande schriftelijke toestemming een aanbouw aan de woning aan. Trivire vorderde daarop de afbraak van deze aanbouw en herstel van de woning in oude staat, onder dreiging van een dwangsom. De huurder stelde dat toestemming slechts een formaliteit was en dat de afbraak niet in verhouding stond tot haar investeringen.
De kantonrechter oordeelde dat de huurder tekortgeschoten was in haar verplichtingen en dat het onredelijk zou zijn om afbraak te vorderen indien Trivire de toestemming alsnog had moeten verlenen. Het hof bevestigde dat de huurder geen toestemming had verkregen en dat de bewijslast rustte op de huurder om aan te tonen dat Trivire de toestemming niet had mogen weigeren.
Uit rapporten van een ingenieursbureau bleek dat de aanbouw niet voldeed aan de constructieve en brandveiligheidseisen, hetgeen een geldige grond is voor weigering van toestemming. De huurder erkende afwijkingen en voerde aan dat aanpassingen eenvoudig en goedkoop waren, maar het hof vond dit niet bewezen. Het hof oordeelde dat de vordering tot afbraak redelijk was en matigde de dwangsom tot € 20.000 met een termijn van één maand na betekening.
De huurder werd veroordeeld tot afbraak van de aanbouw, herstel van de woning, betaling van een dwangsom bij niet-naleving en in de proceskosten van zowel eerste aanleg als hoger beroep. Het arrest is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De huurder wordt veroordeeld tot afbraak van de illegale aanbouw en herstel van de woning binnen één maand, onder dwangsom.