ECLI:NL:GHDHA:2013:BZ0084
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- E.J. van Sandick
- R.F. Groos
- D. den Hertog
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over nietigheid en gevolgen van aandelenleaseovereenkomst en vaststellingsovereenkomst
Appellanten zijn in hoger beroep gekomen tegen een vonnis waarin zij werden veroordeeld tot betaling aan Varde Investments, rechtsopvolger van Dexia, op grond van een aandelenleaseovereenkomst en een daarop volgende vaststellingsovereenkomst (ODA). Appellanten voerden aan dat de leaseovereenkomst nietig was wegens het ontbreken van toestemming van de echtgenote en dat de vaststellingsovereenkomst niet rechtsgeldig tot stand was gekomen.
Het hof stelde vast dat appellanten de ODA door ondertekening van het aanmeldingsformulier hadden aanvaard en dat het verweer dat het formulier onvolledig was ingevuld, niet kon leiden tot nietigheid van de overeenkomst. Het hof oordeelde verder dat tijdige vernietiging van de leaseovereenkomst ook de vaststellingsovereenkomst vernietigt, maar dat appellanten niet tijdig de nietigheid hadden ingeroepen.
Daarnaast was de WCAM-overeenkomst verbindend verklaard voor appellanten, die zich niet rechtsgeldig hadden kunnen onttrekken aan deze regeling. Hierdoor konden zij zich niet meer beroepen op nietigheid of wanprestatie van de leaseovereenkomst. Het hof verwierp de grieven en bekrachtigde het vonnis, waarbij appellanten hoofdelijk in de kosten van het hoger beroep werden veroordeeld.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en veroordeelt appellanten tot betaling aan Varde en in de kosten van het hoger beroep.