ECLI:NL:GHDHA:2013:4511
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatigheid voortduren conservatoir beslag en informatieverstrekking door OM aan Belastingdienst
In deze civiele zaak vordert appellant een verklaring voor recht dat de Staat onrechtmatig heeft gehandeld door het leggen en voortduren van conservatoir beslag op zijn goederen in het kader van een strafrechtelijk financieel onderzoek. Tevens stelt appellant dat het OM onrechtmatig informatie aan de Belastingdienst heeft verstrekt, wat leidde tot fiscaal beslag.
De feiten betreffen een strafrechtelijk onderzoek naar appellant wegens vermeende deelname aan een criminele organisatie en medeplegen van hennepteelt. Conservatoir beslag werd gelegd op diverse roerende zaken, waaronder auto's en contant geld. Na vrijspraak van het ernstigste feit werd het strafrechtelijk onderzoek gesloten en het beslag opgeheven, maar het beslag door de Belastingdienst bleef nog rusten.
Appellant klaagt over het voortduren van het beslag na de onherroepelijke vrijspraak en over de informatieverstrekking aan de Belastingdienst. Het hof oordeelt dat het voortduren van het beslag niet disproportioneel was en dat de Staat niet onrechtmatig handelde. De informatieverstrekking door het OM was gebaseerd op wettelijke grondslagen en niet onrechtmatig. De vorderingen van appellant worden afgewezen, met uitzondering van niet-ontvankelijkheid voor het fiscaal beslag, waarvoor de Ontvanger als partij moet worden aangesproken.
Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en veroordeelt appellant in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst de vorderingen van appellant af, behalve niet-ontvankelijkheid voor het fiscale derdenbeslag.